De verschillende schadebeelden van beton

Betonschade kan op diverse manieren tot uiting komen. Scheuren kunnen zowel rechlijning als een willekeurig verloop hebben en ook de scheuropening kan variëren.

Een ervaren inspecteur kan doorgaans zeer snel een aantal schadeoorzaken uitsluiten aan de hand van de vorm en de plaats van de scheur en de grootte van de scheuropening.

Scheuren die gepaard gaan met ontoelaatbare vervormingen kunnen duiden op een structureel probleem. Bij twijfel over de structurele eigenschappen van de constructie (of een deel ervan) is het aangewezen een stabiliteitsstudie te laten uitvoeren.

Ter hoogte van de scheuren kan het beton uitstulpen tengevolge van expansieve reacties. Een dergelijke uitstulping kan in sommige gevallen zelfs aanleiding geven tot het loskomen van stukken beton.

Andere, vaak verwaarloosde, schade-indicatoren zijn lokale verkleuringen, ruwheid van het oppervlak, vochtvlekken en roestsporen. De verouderingsprocessen in gewapend beton zijn daarentegen meestal onzichtbaar en kunnen enkel aan het licht worden gebracht door een sondering van het betonoppervlak.

De schade aan betonconstructies kan in twee hoofdgroepen onderverdeeld worden, nl. schade aan het beton zelf en schade aan het beton door wapeningscorrosie.

De voornorm NBN 15049 (51) stelt dat de keuze van de herstelprocedure gebaseerd moet zijn op een voorafgaande studie waarbij de toetand van de betonconstructie beoordeeld wordt.

De studie bevat de volgende activiteiten: voorbereiding, basisinspectie, aanvullende proeven, evaluatie van de resultaten en de beoordeling van de toestand.

Aangezien de beoordelingscriteria sterk verschillen van elk schadebeeld (aard van de constructie, bloot-stellingsgraad, leeftijd, enz ...), is het onmogelijk een vaste lijst op te stellen van de uit te voeren proeven.

Dankzij deze beoordeling kan men de omvang van de schade inschatten, de schade-oorzaken juist bepalen en de meest geschikte herstellings- of beschermingsmethode voorstellen.