Onderschoeiing & funderingsverdieping – Veelgestelde vragen
- september 17, 2026
Een bestaande fundering versterken door ze plaatselijk te verdiepen
Wanneer een bestaande fundering onvoldoende diep of onvoldoende stabiel is, kan onderschoeiing of funderingsverdieping een oplossing zijn. Hierbij wordt de bestaande fundering stap voor stap ondersteund en verdiept, zodat de belasting van de woning naar een diepere en meer stabiele grondlaag kan worden overgebracht.
Deze techniek wordt vooral toegepast bij bestaande woningen en gebouwen waar de fundering moet worden aangepast zonder de volledige fundering af te breken.
10 veelgestelde vragen
1. Wat is onderschoeiing van een fundering?
Bij onderschoeiing wordt een bestaande fundering ondersteund en plaatselijk verdiept. Onder de bestaande fundering wordt een nieuwe fundering aangebracht die tot een diepere grondlaag reikt.
De bestaande fundering wordt daarbij niet zomaar volledig uitgegraven. De werkzaamheden gebeuren gecontroleerd en in opeenvolgende delen.
2. Wanneer wordt een fundering verdiept?
Funderingsverdieping kan worden overwogen wanneer de bestaande fundering onvoldoende diep is of wanneer de grond waarop ze rust onvoldoende stabiel blijkt.
Bijvoorbeeld wanneer:
- er sprake is van zettingen;
- scheuren in gevels of muren ontstaan;
- de bestaande fundering onvoldoende draagkracht heeft;
- de bovenste grondlaag gevoelig is voor beweging;
- een diepere grondlaag meer stabiliteit biedt.
Of funderingsverdieping daadwerkelijk nodig is, moet eerst technisch worden onderzocht.
3. Wat is het verschil tussen onderschoeiing en funderingsverdieping?
De begrippen worden vaak door elkaar gebruikt.
Onderschoeiing verwijst vooral naar de manier waarop een bestaande fundering wordt ondersteund en in delen wordt ondervangen.
Funderingsverdieping beschrijft het doel: de bestaande fundering wordt naar een dieper niveau gebracht.
In de praktijk kunnen beide begrippen dus betrekking hebben op dezelfde herstelmethode.
4. Hoe wordt een fundering ondergeschoeid?
Een onderschoeiing gebeurt stapsgewijs.
Een gedeelte van de bestaande fundering wordt vrijgemaakt. Vervolgens wordt daaronder een nieuwe fundering aangebracht. Pas wanneer dit gedeelte voldoende is uitgehard en zijn functie kan opnemen, wordt een volgend gedeelte aangepakt.
De exacte werkwijze is afhankelijk van de bestaande fundering, de toestand van het gebouw en de bodem.
5. Waarom gebeurt een onderschoeiing in verschillende fases?
Een bestaande fundering draagt het gewicht van de bovenliggende constructie. Wanneer de grond onder een groot deel van de fundering tegelijkertijd wordt weggehaald, kan de stabiliteit van de constructie in gevaar komen.
Door kleine delen afwisselend te behandelen, blijft een belangrijk gedeelte van de bestaande fundering ondersteuning bieden.
Daarom is een gecontroleerde fasering een essentieel onderdeel van onderschoeiing.
6. Hoe diep moet een nieuwe fundering worden aangebracht?
Er bestaat geen vaste diepte die voor iedere woning geldt.
De gewenste diepte hangt onder andere af van:
- de bestaande funderingsdiepte;
- de bodemopbouw;
- de draagkracht van de grond;
- de oorzaak van de verzakking;
- de aanwezigheid van gevoelige grondlagen;
- de belasting van het gebouw.
Bij funderingsproblemen kan onderzoek met bijvoorbeeld een onderzoeksput of diepsondering nodig zijn om de situatie correct te beoordelen.
7. Kan een gemetselde fundering worden ondergeschoeid?
Dat kan in bepaalde situaties, maar een gemetselde fundering vraagt een specifieke beoordeling.
Er moet onder andere worden gekeken naar de staat van het metselwerk, de funderingsbreedte, de belasting en de manier waarop de nieuwe fundering met de bestaande constructie kan samenwerken.
Niet iedere bestaande fundering is daarom op dezelfde manier te ondervangen.
8. Is onderschoeiing altijd nodig bij een verzakking?
Nee.
Een verzakking betekent niet automatisch dat de fundering moet worden verdiept. Eerst moet worden onderzocht waarom de beweging ontstaat.
Mogelijke oorzaken kunnen bijvoorbeeld verband houden met de bodem, vochtveranderingen, droogte, bomen of de bestaande funderingsopbouw.
Wanneer de oorzaak niet wordt aangepakt, is alleen het herstellen van de fundering mogelijk niet voldoende.
9. Wat is het verschil tussen onderschoeiing en micropalen?
Bij onderschoeiing wordt de bestaande fundering plaatselijk verdiept en ondersteund met een nieuwe fundering.
Bij micropalen wordt de belasting via kleine palen naar een diepere grondlaag overgebracht.
Welke methode geschikt is, hangt af van de bestaande fundering, de bodem, de bereikbaarheid en de oorzaak van het funderingsprobleem.
Daarom wordt de keuze niet uitsluitend op basis van de zichtbare scheuren gemaakt.
10. Is na een onderschoeiing nog monitoring nodig?
Dat kan.
Wanneer een woning vóór de werkzaamheden duidelijke scheuren of zettingen vertoonde, kan het nuttig zijn om de situatie ook na de herstelling op te volgen.
Scheurmetingen of visuele opvolging kunnen informatie geven over de verdere evolutie van het gebouw.
Een funderingsherstelling is namelijk niet alleen een technische ingreep; ook de toestand van de woning vóór en na de werken is belangrijk om het resultaat goed te kunnen beoordelen.